
Zonder ruimte geen cultuur. Maar terwijl steden groeien, neemt ook de druk op betaalbare plekken voor makers en culturele organisaties toe. Tijdens een uitverkochte achtste editie van Over de Grens ging Jelko Arts bij BLIK in Nijmegen met makers, organisaties en gemeenten in gesprek over de vraag: hoe maken én houden we ruimte voor cultuur?
Van cultuurwens naar gemeentelijk beleid
Adviseur kunst en cultuur Stef Katwijk van gemeente Arnhem en beleidsadviseur cultuur bij de gemeente Nijmegen Riemer Dekker werken allebei op het snijvlak van cultuur, ruimte en gemeentelijk beleid. En daar blijkt geduld voor nodig. Culturele belangen concurreren met veel andere ruimtelijke opgaven. Juist daarom is het belangrijk dat gemeenten verhalen en behoeften uit het culturele veld blijven ophalen en vertalen naar beleid. Stef ziet het als zijn taak om ervoor te zorgen dat de belangen van de cultuursector uiteindelijk ook in de raadzaal terechtkomen. "Dat is het minste wat we kunnen doen."


Andersom kan de sector zelf ook invloed uitoefenen. Riemer noemt een gezamenlijk manifest als krachtig middel om je als sector te organiseren en je op beslissende momenten te laten horen: "Een gezamenlijk geluid is een sterk teken." In Nijmegen krijgt dat onder meer vorm via het broedplaatsenbeleid.
Een plek hebben is je verhouden tot je omgeving
Wat betekent het als je als culturele organisatie neerstrijkt in een wijk? Marije Tangelder is de oprichter en directeur-bestuurder van Collectief Koppig, een creatieve werkplaats en stichting in de Arnhemse wijk Presikhaaf. Ze vertelt dat hun permanente plek in Presikhaaf veel rust brengt. Niet alleen organisatorisch, maar ook in de relatie met de buurt. Vertrouwen opbouwen kost tijd. Als je zelf niet weet hoe lang je ergens mag blijven, is het moeilijker om langdurige verbindingen aan te gaan.

Ook bij nieuwe culturele locaties kijkt gemeente Nijmegen steeds vaker naar die relatie met de omgeving. Niet alleen: wat wil je hier maken? Maar ook: waar kom je terecht en hoe wil je je tot die plek en de mensen eromheen verhouden? Voor Godfried Verstegen, bedenker en bouwer van Brebl, draait ruimte vooral om wat er binnen die muren mogelijk wordt. Artiesten moeten er kunnen groeien en publiek moet er kunnen ontdekken. En hoewel onzekerheid over huisvesting erbij hoort, relativeert hij die ook: "Als je een dak hebt, ben je al op de helft."
Zelf een broedplaats bouwen
Tijdens de vaste rubriek Bij het koffiezetapparaat maakten we kennis met Grondlab, een kunstcollectief van Liedeke Taen, Carmen Molenaar, Iris van de Wetering, Nathalie Geurts en Kyra van Erp. De vijf makers veranderden een voormalig cafetaria op het Joris Ivensplein in Nijmegen in een plek om samen te werken, experimenteren en werk te delen. "Ik miste een plek om te maken en om dat te delen met andere makers", vertelt Liedeke. Met crowdfunding knapten de makers het pand op, terwijl de gemeente onder andere water en elektriciteit aanlegde. De komende drie jaar kunnen ze er werken aan tentoonstellingen, workshops en andere activiteiten. En binnenlopen? Dat mag gewoon.

Wat doet een verhuizing met je identiteit?
Een nieuwe plek kan ook betekenen dat je opnieuw moet bepalen wie je bent. Collectie DE.GROEN, een groeiende private collectie van bijna vijfhonderd kunstwerken, verruilde haar centrale locatie in Arnhem bewust voor een andere plek. De hoeveelheid activiteiten in het oude pand begon te veel energie te vragen. Op de nieuwe locatie kan de collectie zich gerichter concentreren op waar ze voor staat. Over de keuze voor een plek is Marjolein de Groen nuchter: "Zoveel plekken zijn er niet, dus je moet geluk hebben dat je grond vindt."
Platform POST maakte juist de tegenovergestelde beweging. In Nijmegen en Arnhem, toont POST kunstenaars uit binnen- en buitenland, en biedt het ruimte voor experiment, engagement en samenwerking. In Arnhem verhuisde POST naar het voormalige pand van DE.GROEN, een plek die al goed als tentoonstellingsruimte functioneerde. In Nijmegen maakte de organisatie de stap van de Paraplufabriek naar NYMA. Soms zoek je dus jarenlang naar de perfecte plek. En soms komt een kans precies op het juiste moment voorbij.


Het stokje gaat naar FRIDA Book Café
Tijdens Pass-m-door geeft steeds een culturele organisatie een maker of initiatief door dat volgens hen in de gaten gehouden moet worden. Dit keer was Café De Kurk aan zet. Initiatiefnemer Peet Bouwens van het Arnhemse queercafé kreeg het stokje eerder van Café de Plak en geeft het nu door aan FRIDA Book Café.
FRIDA is een sociale onderneming zonder winstoogmerk die inzet op community en ontmoeting onder jongeren. Vanuit het idee dat een sterke gemeenschap kan helpen om mentale druk en eenzaamheid tegen te gaan, bouwen ze aan een plek waar mensen elkaar kunnen ontmoeten, samen eten en zelf activiteiten kunnen organiseren, zoals bookclubs en evenementen. Met steun van de IGNITE Award zet FRIDA nu de stap naar Nijmegen. Inmiddels hebben ze een pand gevonden aan de Lange Hezelstraat 85, waar vanaf december het café opent.

Queer kunst en ontmoeting
De middag eindigde met Bi&deLes, een Arnhemse artistieke community rond theatrale educatie over queer identiteit. Het initiatief van Anouk van Lith en Minne Thomas biedt ruimte aan queer kunst én ontmoeting. Tijdens Over de Grens speelden Anouk en Minne een scène uit De Salon: een interactieve performance over genderidentiteit. Als twee schoonheidsspecialisten begonnen ze tussen het publiek nagels te lakken. Een ogenschijnlijk luchtig gesprek schoof ondertussen steeds verder richting queer-zijn, gendernormen en de geschiedenis van David Bowie. Tot hij uiteindelijk, heel toepasselijk, letterlijk uit de kast verscheen. Peet over de makers: "Queer makers hebben plek nodig. Zo'n revelatie om te zien hoe zij die plek pakken."
Wat bleef hangen?
- Ruimte is meer dan vierkante meters. Betaalbaarheid en beschikbaarheid zijn belangrijk, maar ook zekerheid, continuïteit en de mogelijkheid om ergens echt te landen.
- Laat je als sector horen. Gemeentelijk beleid ontstaat niet vanzelf. Organiseer je, spreek in en maak zichtbaar waarom ruimte voor kunst en cultuur van belang is.
- Een plek brengt verantwoordelijkheid mee. Wie zich vestigt in een wijk, krijgt ook een relatie met de omgeving. Vertrouwen en verbinding vragen tijd.
- Tijdelijke plekken kunnen veel losmaken. Initiatieven als Grondlab laten zien wat er kan ontstaan wanneer makers de kans krijgen om zelf een plek op te bouwen.
- Een verhuizing kan ook inhoudelijk iets veranderen. Een nieuwe locatie dwingt organisaties soms opnieuw na te denken over hun identiteit, publiek en manier van werken.
- Ruimte krijgt betekenis door wat je ermee doet. Uiteindelijk zijn het de makers, organisaties, bezoekers en buurtbewoners die van een gebouw een culturele plek maken.

